Ambassadeurs voor chronisch zieke collega’s

Vorige

Een belofte aan alle collega's

Volgende

Adviesgroep Visueel beperkte Politiemedewerkers

Ze zijn ervaringsdeskundig en bieden ondersteuning die laagdrempelig en toegankelijk is: de ambassadeurs van het platform Chronisch zieke Politiemensen PCP. Het Platform werd onlangs verrast door het grote aanbod van collega’s die ambassadeur willen worden. Op een oproep van het platform kwamen tientallen reacties van mensen die hun kennis als ervaringsdeskundige willen delen en collega’s willen helpen. De ambassadeurs moeten gaan fungeren als maatje voor zieke collega’s. Het PCP hoopte op 16 ambassadeurs, het werden er 40. Inmiddels is een groot deel van hen inzetbaar en komen de aanvragen voor een gesprek met een ambassadeur binnen bij het PCP.

Bedenker van het ambassadeurschap en een van de drijvende krachten achter het PCP, Hans Smiers zegt verrast te zijn over de belangstelling. “Dat hadden we niet verwacht, maar er is blijkbaar behoefte aan deze vorm van ondersteuning.” Een ambassadeur, zo legt Smiers uit, is iemand die goed luistert en zijn eigen ervaring deelt. “Als patiënt loop je rond met allerlei vragen, en dan is het fijn om op laagdrempelige en vertrouwelijke wijze met iemand te kunnen praten die ook ziek is of is geweest. Die een luisterend oor biedt en tips kan geven.” Een ambassadeur is géén individueel belangenbehartiger, benadrukt Smiers. “Als ambassadeur moet je oppassen dat je niet de problemen naar je toetrekt of teveel ‘mee gaat huilen’. De nadruk ligt op het positieve: hoe kom je verder?”

Goede dialoog
Smiers organiseerde twee informatiebijeenkomsten voor de aspirant-ambassadeurs. Daarin legde landelijk bedrijfsarts van de politie, Daniëlle Bavelaar uit hoe de VGW-teams (Veiligheid, Gezondheid en Welzijn) van de politie zijn georganiseerd en wat precies de taken van de werkgever zijn met betrekking tot chronisch zieke collega’s. De werkgever heeft een grote verantwoordelijkheid, bijvoorbeeld inzake reïntegratie, maar ook de zieke werknemer zelf kan veel doen (bijvoorbeeld op het gebied van rust, voeding en beweging). Duidelijk werd dat er een goede dialoog moet zijn tussen de leidinggevende en de zieke collega, waarbij het accent ligt op de vraag: wat kan je nog?

“Cruciaal is dat er vertrouwen en verbinding is.”

Vertrouwen en verbinding
Hans Smiers benadrukte tijdens de bijeenkomsten dat de procesmatige wijze waarop de werkgever soms met chronisch zieken omgaat, eruit moet. “Cruciaal is dat er vertrouwen en verbinding is en dat er niet meer gewerkt wordt met afvinklijstjes. Alles moet draaien om het beste voor de collega. Daar is uiteindelijk de organisatie ook mee geholpen.” Dat vindt ook bedrijfsarts Bavelaar: “We moeten terug naar de mens achter het nummer, er moet inderdaad een cultuurverandering komen. Maar daar wordt nu binnen de VGW-teams ook hard aan gewerkt. En dat is maar goed ook, want we zien dat langdurig ziekteverzuim bij de politie de afgelopen tijd flink is opgelopen.”

Positieve benadering
De ambassadeurs die zich hebben aangemeld toonden zich tijdens de informatiebijeenkomsten enthousiast voor hun taak en zijn erg gedreven. Frits Stooter, werkzaam bij de eenheid Amsterdam, kreeg 3 jaar geleden kanker. Hij wil zijn ervaringen en zijn kennis graag delen met zieke collega’s. “Ik wil ze een hart onder de riem steken en vertellen dat kanker niet altijd meteen betekent dat er niets meer mogelijk is en dat het leven voorbij is.” Ook Ton Seesink gaat voor een positieve benadering. Zelf heeft hij afasie. “Ik kon niet meer praten, schrijven, normaal bewegen.. niets. Ik heb keihard gewerkt en het lukt weer. Ik word nooit meer de oude, maar ik kijk voor me en niet achter me. Dat is wat ik mensen wil vertellen. Samen huilen mag, maar voordat ik wegga, wil ik met ze gelachen hebben.” Politiedocent Ronald Coesel heeft ook veel meegemaakt: ernstige hartproblemen en meerdere operaties. “Ik ben een aantal keren gereïntegreerd en heb het geluk gehad dat ik goed begeleid ben. Maar dat geldt voor veel mensen niet. Daarom wil ik helpen. Dat is tenslotte waarvoor ik ooit bij de politie ben gegaan.”

Niet ingewikkeld
Een deel van de ambassadeurs kan direct aan de slag, vertelt Hans Smiers. “Die zijn er klaar voor. Ze weten hoe je een gesprek het beste kunt aangaan en wat een ambassadeur wel en niet doet. Dat hebben we tijdens de informatiebijeenkomsten besproken aan de hand van casussen. Voorlopig gaan de ambassadeurs met z’n tweeën op pad.” De aanvragen voor een ambassadeur/maatje worden voorlopig door het PCP beoordeeld en het platform koppelt de aanvragers aan de ambassadeurs. “Het is allemaal niet zo ingewikkeld. We willen 3 a 4 keer per jaar intervisiebijeenkomsten houden om ervaringen te delen.”
Wat als de behoeftevraag erg groot wordt? Smiers: “Dan bespreken we dat met onze partners, Stichting WEP en HRM/PDC.  “Het kan zomaar zijn dat de organisatie dan een verandering moet gaan doorvoeren, zodat dit soort vragen niet meer komen.” Intussen hoopt hij dat het PCP een informeel platform kan blijven. “We moeten niet institutionaliseren. We willen een netwerkorganisatie blijven, die mensen kan helpen.”

Meer informatie over het ambassadeurschap kunt u vanaf nu krijgen bij Jakob Bos, via info@wep.nu