Leon Kuijs nieuwe directeur WEP – interview

Vorige

Podcast: wijkagent Roosendaal na rellen

Volgende

Stichting de Basis is nu Nederlands Veteraneninstituut (NLVi)

Sinds 1 januari 2021 is Leon Kuijs (64) de nieuwe directeur van WEP. Hij volgt daarmee Bryan Rookhuijzen op die met pensioen is. Leon: “Deze functie zie ik echt als een cadeau. Dat ik mij verbonden mag voelen met WEP en de politie. Het vraagt creativiteit.
In teamverband mooie dingen bereiken, dat is wat energie levert. Dat heb ik ervaren op sportgebied maar zeker ook in werk. Ik ben niet iemand die solo kan werken. Met anderen een bepaald doel bereiken, dat geeft energie.”

Concreet
Als kind wilde Leon dierenarts worden, of nou ja, eigenlijk veearts. “Ik hou van dieren en ik had een wat romantisch beeld van de boerderijen langsgaan en dieren in nood helpen. Op het VWO haalde ik scheikunde niet, en dat had ik wel nodig. Na mijn eindexamen is het dus heel wat anders geworden. Ik kan erg veel waardering hebben voor mensen die concreet bezig zijn. Dingen maken, met de handen. Als ik nu een beroepskeuze zou moeten maken, zou ik voor een concreet vak kiezen.”

Dichtbij de praktijk
47 jaar geleden begon hij als leidinggevende bij de politie in Middelburg, toen heette dat luitenant bij de Rijkspolitie. Hij bekleedde verschillende functies, werd later, toen het regionale politie werd, districtschef, korpschef, kwartiermaker bij de Nationale Politie, lid van de korpsleiding en de laatste 6,5 jaar als directeur verbonden aan de Politieacademie. “De tijd als districtschef in Rotterdam vind ik de mooiste periode. Dan zit je dicht bij de praktijk. Fijne bestuurders, veel integratie tussen de politie en de bevolking. We openden bureaus, ook in sociaal uitdagende wijken van Rotterdam. Ik kon heel concreet werken met (lachend) veel lange dagen.”

Waarom dan toch andere stappen zetten in management?
“Je hebt je ambitie en ook een stukje trots. Je wilt jezelf ontwikkelen en het goed doen. Wat mij geholpen heeft in mijn loopbaan is dat ik nogal rustig ben. Ik had niet de neiging voortdurend op de voorgrond te willen staan. Sommige zeggen indirect en diplomatiek. Met deze eigenschappen creëer je tijd. Dat helpt in denkprocessen en het vinden van oplossingen. Ik ben niet uit op de scherpe randjes. In die jaren ben ik voor functies gevraagd, mensen boden me kansen.”

Netwerk
Is dat niet een manco bij de politie, het zogenoemde old boys network?
“Het heeft ook goede kanten. Bazen zorgen voor hun opvolging, zij scannen de talenten. Dat is niet verkeerd en brengt stabiliteit. Tegelijkertijd werd er door het landelijk MD (management development red.) een poort gecreëerd voor collega’s met leidinggevende ambities. Hier gingen andere ogen dan alleen van de bazen een rol spelen. Dat heeft gewerkt. En werkt nu nog steeds. Maar, we hebben ook veel talent verloren. Op de Politieacademie zag ik mensen met twee (academische) masters binnenkomen die bij ons de opleiding politiekundige of recherchekundige wilde doen (HBO masters) om bij de politie aan de slag te gaan. Zij kregen niet altijd een goede plek en begeleiding. Het gevolg is dat ze vertrekken. Dat vind ik echt jammer.”

Politieacademie
De afgelopen jaren ben je directeur van de Politieacademie geweest. Hoe kijk je daar op terug?
“ Ik heb daar veel geleerd en genoten, het was een rijke tijd. De PA moest onderdeel worden van de Nationale Politie. Dat betekende een complete reorganisatie. Maar ik werd ook ondergedompeld in de wereld van het onderwijs en dat had ik niet willen missen.

Hoe zie je de waardering en erkenning voor de politie?
“Binnen de politie loopt het daar niet van over. De buitenwereld staat altijd op nummer één, de collega’s vaak op de tweede plek. Ik was daar zelf ook niet zo goed in. Vanuit een soort nuchterheid en ‘doe maar normaal’. Maar het is zó belangrijk dat de collega’s op een juiste waarde worden geschat. Dat ze het echte verhaal kunnen vertellen en gezien worden. Politiewerk vind ik ingewikkelder geworden. De waardering vanuit de samenleving, is heel belangrijk. De afgelopen periode, met de Lock-Down en de avondklokrellen, heeft de werkwijze van de politie veel waardering opgeleverd. De politievertegenwoordigers waren in veel talkshows aanwezig om de werkwijze en ervaringen toe te lichten. Dat is goed. Zo maak je de waardering voor de politie ook zichtbaar. Het is goed als WEP dat in de komende jaren kan stimuleren. Als we vindplaatsen van waardering weten te vinden en deze voor de collega’s zichtbaar kunnen maken.”